|
ROOSENDAAL - Bij belangrijke culturele instellingen in Roosendaal dreigt kaalslag, nu de gemeente een aantal subsidies fors heeft teruggeschroefd.
Bibliotheek VANnU vreest niet aan ontslagen te ontkomen, museum Tongerlohuys denkt nog maar één wisselexpositie te kunnen inrichten in 2011.
De sombere geluiden van de directies van de instellingen zijn het gevolg van de toewijzing van subsidies voor projecten in 2011. De omvang daarvan is pas onlangs in volle omvang duidelijk geworden. Daaruit blijkt dat forse subsidiebedragen zijn toegekend aan niet-Roosendaalse instellingen, die hier culturele programma's moeten gaan verzorgen.
Museum Tongerlohuys tekent verzet aan tegen een korting op de expositiesubsidie met meer dan 85 procent. Bibliotheek VANnU beraadt zich nog.
Directeur Janine Verster van het Tongerlohuys noemt de ingreep van de gemeente "desastreus".
Bibliotheek VANnU had voor drie ton bijdragen aangevraagd voor uiteenlopende projecten, zoals de kosten voor het podium in hoofdvestiging Parrotia aan de Markt. De gemeente heeft minder dan twee ton toegekend.
Directeur Frédérique Assink-Aben maakt zich ernstige zorgen en verwacht niet aan personele inkrimping te kunnen ontkomen. Want naast deze projectsubsidies krijgt de bibliotheek - die regionaal actief is - basissubsidies van de gemeenten Roosendaal, Moerdijk en Halderberge. Assink: "Maar er is al aangekondigd dat die bijdragen met tien procent worden gekort. Terwijl de salarissen van ons personeel zullen stijgen. We hebben de afgelopen tijd al fors bezuinigd, zowel op personeelskosten als op de openingsuren van de vestigingen. Nu zullen opnieuw keuzes gemaakt moeten worden. In Roosendaal moeten we in totaal twee ton terug. Dat weten we dus pas net, en 2011 staat voor de deur. We zullen op korte termijn gedwongen afscheid moeten nemen van een aantal medewerkers. We streven zoveel mogelijk naar een begeleiding van werk naar werk maar de inschatting is dat niet iedereen even makkelijk aan het werk komt. Bovenop het persoonlijke leed kosten deze maatregelen ook veel geld", aldus Assink, die inmiddels een vacaturestop heeft afgekondigd.
Ze verwacht ook dat niet alle vestigingen van de bibliotheek op de huidige basis open kunnen blijven: "Ik verwacht dat er in 2011, na overleg met de gemeente Roosendaal, een verschuiving zal ontstaan in het bibliotheeklandschap. Zoals ik al eerder zei zal dat er anders uit gaan zien omdat we keuzes zullen moeten maken waar we nog kunnen blijven zitten en in welke vorm. Alles bij het oude laten is niet mogelijk omdat de middelen niet toereikend zijn. We gaan ons verder beraden op de tarieven van de abonnementen."
De directeuren van museum en bibliotheek vinden dat het systeem waarbij iedereen door middel van aanbesteding kan meedingen naar culturele opdrachten in Roosendaal risico’s met zich meebrengt. Assink: „Jarenlang is subsidie verstrekt en dat heeft geleid tot een organisatie zoals die nu is. Ombuigen kost tijd. Het risico van de druk die er nu is binnen de organisatie is dat goede medewerkers vertrekken om ergens anders aan de slag te gaan. Een organisatie krijgt pas medio oktober bericht of en zo ja welke projecten door kunnen gaan. Hoe kun je daar een bedrijf op inrichten? Nee, mijn voorkeur gaat niet uit naar deze methode.”
Assink maakt zich niet alleen zorgen over de bibliotheek, maar ook over andere culturele partners in de stad: „Er zijn prachtige voorbeelden van samenwerking tussen verschillende culturele instellingen, maar door de huidige manier van subsidieverstrekking hoef ik straks niet meer te investeren in samenwerking, want dan bestaat een aantal instellingen niet meer.”
Museum Tongerlohuys diende een subsidieaanvraag in voor drie tentoonstellingen, samen zou daarvoor ruim 33.000 euro nodig zijn. Daarvan is 4850 euro toegekend. Daarmee is alleen het ‘goedkoopste’ project gehonoreerd, een soort wedstrijd ‘Roosendaal aan zet’ met deelname van plaatselijke kunstenaars. Andere projecten moeten worden geschrapt, waaronder educatieve projecten voor de schooljeugd.
Directeur Janine Verster begrijpt niet op welke gronden de middelen zijn afgewezen, en evenmin heeft ze een idee waarom wel veel gelden naar het Vrijetijdshuis Brabant in Tilburg (30.000 euro) en het in de provinciehoofdstad gevestigde Bossche Makershuis (ruim negen mille) worden gesluisd.
Het Vrijetijdshuis Brabant is een soort provinciale instelling die onder meer het toerisme moet bevorderen. Volgens de website streeft het Vrijetijdshuis ernaar een ‘substantiële en bepalende bijdrage te leveren aan innovatie van het vrijetijdsaanbod in de provincie’.
Verster: „Zou het Vrijetijdshuis ons inhuren om hier een expositie in te richten? Dat is nog eens een dure manier om het publiek cultuur voor te schotelen. Wat me ook stoort, is dat bij het besluit geen enkele motivatie is gegeven. Ik zou niet weten welke criteria zijn gebruikt. We hebben dit jaar met veel succes enkele mooie exposities gemaakt. Dat soort mooie zaken kunnen we straks niet meer aanbieden.”
Verster vreest dat met het besluit van de gemeente het slechte nieuws nog niet opgesoupeerd is. „Het college geeft aan dat bij de subsidietoekenning nog geen rekening is gehouden met een bezuiniging van ruim negen ton op alle gemeentelijke subsidies. Hoe die bezuiniging wordt verdeeld over de verschillende instellingen, wordt bekend gemaakt bij de presentatie van de gemeentebegrotingswijziging 2011.
Verster: „Er is in de kunstensector nu ook sprake van marktwerking. Dat is misschien een leuk uitgangspunt, maar voor een basisvoorziening als het museum is het afschuwelijk.”
Bron: BN de Stem, 25 oktober 2010
|